Unheard
Een ideologische bril

Een vader in Bristol, VK, worstelt met de onwetenschappelijke basis van transgendergeneeskunde en met de ideologische bril waardoor er maar één pad lijkt te bestaan – medische en chirurgische transitie. Dit verhaal verscheen oorspronkelijk op PITT en, om de anonimiteit te beschermen, werd het voorgelezen door een andere ouder.
Transcript
Ik ben een vader in Bristol.
Toen mijn zoon naar me toe kwam en zei dat hij het gevoel had dat hij trans was, was mijn eerste neiging, als wetenschapper, om mij volledig in het onderzoek te verdiepen. Ik wilde vanuit een medisch en wetenschappelijk perspectief begrijpen wat er met hem aan de hand was. Ik ging ervan uit dat de wetenschap hier wel uit was, dat er evidence-based studies zouden zijn waar ik op kon terugvallen. Ik dacht dat ik in staat zou zijn te begrijpen wat mijn zoon doormaakte, als ik de wetenschap maar begreep. Als zijn vader was ik vastbesloten dat voor elkaar te krijgen, voor hem en voor ons gezin.
Het duurde echter niet lang voordat ik ontdekte dat dat simpelweg niet mogelijk was. Ik ben er nu van overtuigd dat ‘trans’ niet op wetenschap is gebaseerd, maar een fundamentalistische religieuze ideologie is die zich voordoet als wetenschap. En niet alleen dat: omdat het hele vakgebied wordt gepresenteerd als wetenschap terwijl het in feite om een geloofssysteem gaat, wordt informatie over extreem schadelijke bijwerkingen onderdrukt. En onderzoek wordt volledig ondermijnd, omdat het uiteindelijke doel is de ideologie koste wat kost te ondersteunen.
Wat het allemaal zo krankzinnig maakt, is dat de wetenschap gewoon beschikbaar is en laat zien dat de balans tussen risico en baat totaal zoek is als het gaat om medische transgenderinterventies, maar dat medische professionals en onderzoekers niet naar de data kijken omdat ze het niet wíllen weten. Dus blijft het aan ouders zoals ik om het zware werk te doen en zelf de ‘experts’ te worden. Dat is overduidelijk verkeerd.
Uit mijn eigen ervaring met mijn zoon is het me volkomen duidelijk dat deze kinderen oprecht en heel diep voelen dat er iets mis is met hun lichaam. Dat staat voor mij niet ter discussie. Ik weet dat mijn jonge puberzoon gelooft dat hij zich vrouwelijk voelt. Ik weet ook dat er waarschijnlijk andere, achterliggende redenen zijn waarom hij zich zo voelt, anders dan dat hij letterlijk een vrouw zou zijn die gevangen zit in een mannelijk lichaam. En ik denk dat hij zich er ergens ook van bewust is dat hij in werkelijkheid geen vrouw is, een situatie die per definitie cognitieve dissonantie veroorzaakt. Maar door de rigide ideologische bril die hem vandaag de dag via het internetkoor wordt aangereikt, lijkt er nog maar één mogelijke behandeling te bestaan: transzorg, oftewel puberteitsremmers, cross-sekshormonen en operaties.
Die one-size-fits-all-benadering is een recent verschijnsel. Zelfs toen transgenderzorg vooral een medisch domein voor volwassenen was en zich in klinieken maar zelden aandiende, lieten studies zien dat er, afhankelijk van de manier waarop mensen zich presenteerden, via differentiële diagnostiek verschillende behandeltrajecten werden gekozen om voor de patiënt de best mogelijke uitkomst te bereiken en de klachten te verlichten.
Helaas laten de resultaten van de bestaande studies zien dat de effecten van de zogeheten transgendergeneeskunde ronduit verschrikkelijk zijn. Genderideologen zeggen dat oestrogeen de hersenen zou ‘vervrouwelijken’. Dat doet het helemaal niet. Wat het wél lijkt te doen, is de doorbloeding veranderen, de hersenen verkleinen, het executief functioneren verstoren en leiden tot dementie op jonge leeftijd en een sterk verhoogd beroerterisico. Dat zijn allemaal verontrustende effecten; op basis van de wetenschap zouden we mannen simpelweg geen oestrogeen moeten geven. Zo simpel is het.
Het is cruciaal dat we andere manieren prioriteit geven om genderdysforie of genderstress aan te pakken, omdat het toedienen van cross-sekshormonen niet veilig is. Minstens zo duidelijk is dat de verhouding tussen risico en voordeel bij deze ingrijpende medische behandelingen serieuze bespreking en afweging verdient. Helaas gebeurt dat niet. De openlijke minachting voor wetenschappelijk bewijs van schadelijke effecten van hormonen op de hersenen en andere organen laat zien dat transgendergeneeskunde meer wegheeft van een fundamentalistische religieuze beweging dan van een zorgvuldig bediscussieerd, kritisch en vragend wetenschappelijk onderzoeksproces.
Ik ben bang dat duizenden jongeren hun leven lang de prijs gaan betalen voor dit ideologische experiment.